Bestaande Buitenplaatsen

Op de kaart “Heerlijcheit Maerseveen” uit het jaar 1690 staan bij “Aenwijsinge”, genummerd van 1 tot en met 39, de buitenplaatsen vermeld die zich in dat jaar in Maarsseveen bevonden. Het dorp Maarssen heeft nr. 40.

Veel buitenplaatsen zijn verdwenen, de overige bestaan nog (in vet weergegeven) en worden hieronder nader toegelicht.

1.Cromwijck, 2. Gansenhouf, 3. Otterspoor, 4. Hoogeveght, 5. Spruytenburgh (Leeuwenburg), 6. Neerbeeck, 7. Sluysoort, 8. Geesbergen, 9. ’t Wapen van Maarsseveen, 10. Ottersbergh, 11. Blyendael, 12. Heremitagie, 13. Sluyswijck, 14. Daelwijck, 15. Veghthoven, 16. Den Overtoom, 17. Int Gras, 18. Oosterbos, 19. Schoonderbuert, 20. Peerlenburgh, 21. Leuwenhoff, 22. Bleyenbergh, 23. Vierhoeven, 24. Swanenhoft, 25. Swanenburgh, 26. Petershagen, 27. Diependael, 28. Marienhoff, 29. Annen Hoff, 30. Den Oever (Vechtoever), 31. Endelhoef, 32. Cruydenburgh, 33. Silversteyn, 34. Goudesteyn, 35. Elsenburgh, 36. Doornenburgh, 37. Somerbergen. 38. Veghtleven, 39. Raathoven, 40. ’t Dorp van Maerssen

CROMWIJCK (1) - Zandpad 42 Maarssen

PG2017

Cromwijck

Deze buitenplaats ligt aan het Zandpad 42, op de rechter oever van de Vecht, ongeveer op de grens tussen Maarssen-Dorp en Breukelen. Cromwijck heeft zijn ontstaan te danken aan de Amsterdamse koopman Jan Jacobsz. Huydecoper, die langs de Vecht tussen Maarssen en Breukelen eind 16e eeuw grond opkocht. Hij bouwde er een steenoven/ticheloven die materialen leverde voor de huizen die Huydecoper als projectontwikkelaar in de regio zou gaan bouwen. De oven verdween in 1637 en toen is op die plek het huis Cromwijck gebouwd. In 1672 werd het huis door de Franse troepen verwoest, maar al snel weer in ere hersteld.

Een brand in 1934 vernietigde veel en er kwam, zonder vergunning, een plat zinken dak op het huis. Inmiddels is door de huidige eigenaars het sterk verwaarloosde huis gerestaureerd en ook het dak weer teruggebracht in de oorspronkelijke oude glorie.

Het pand is nu in gebruik als kantoorruimte. (Lees verder…)

Afbeelding: Ansichtkaart uit 1905, archief HKM

Meer informatie

Het stuk grond, dat Huydecoper koopt op de grens tussen Maarssen en Breukelen is 10 morgen groot. Op andere plaatsen langs de Vecht koopt hij grond op, zoals Gouden Hoeff, waar later Goudestein gebouwd wordt. Hij graaft daar de klei af, die hij door zijn zuster Geertruit in de oven laat bakken tot stenen. Deze gebruikt hij vervolgens weer voor het bouwen van buitenplaatsen op de grond die hij gekocht heeft. Deze oven is door een belastingkwestie echter maar een kort leven beschoren. In het begin hebben de Huydecopers niet zelf op het huis gewoond, maar werd het verhuurd aan onder andere Hans Gerrits van Doom, juffrouw van Luffelen en Jan Geluck.

Op 15 maart 1934 brak er brand uit in het huis. De brand was ontstaan om een uur of negen in de schoorsteen, waarschijnlijk door roetafzetting. De brand greep snel om zich heen, doordat er op de zolderverdieping vele kussens met kapok lagen. Dit was voorraad van de naast Cromwijck gelegen matrassenfabriek. Bovendien stond er ook nog een stormachtige wind. De eigenaar van de fabriek, de heer Duynstee, was ook de bewoner van het huis. De eigenaar had het meeste belang bij het voorbestaan van de fabriek en wilde daarom de restauratie zo goedkoop mogelijk uitvoeren. Hij vroeg toestemming om een plat zinken dak aan te brengen, wat echter door de Provinciale Utrechtsche Welstandcommissie werd afgekeurd, omdat men meende dat bij een buitenplaats geen eenvoudig plat dak paste. De eigenaar had niet gewacht op het antwoord, maar was al begonnen met het aanbrengen van het dak. Ondanks de afkeuring werd het toch oogluikend toegestaan. De huidige eigenaars, het echtpaar Van den Berg-van Valkenburg, heeft met veel inspanning de restauratie van het, sterk verwaarloosde pand, ter hand genomen

Bewoners
1597 Jan Jacobsz. Huydecoper
begin 1600 Geertruit Huydecoper
vanaf 1637: Hans Gerrits van Doom, juffrouw Van Luffelen en Jan Geluck
1826 – 1902 Jacob Nicolaas Bastert, Tweede Kamerlid en minister
1934 de heer Duynstee
2006 Familie Van den Berg-van Valkenburg
2006 Paralax BV

Huidige doeleinden
Het huis is bewoond. Het huis is niet opengesteld voor bezichtiging.

Bronnen
Archief Historische Kring Maarssen

link naar Utrechtsebuitenplaatsen Cromwijck

http://www.kasteleninutrecht.eu/#

 

GANSENHOEF (2) - Zandpad 29 Maarssen

PG2017

Gansenhoef

De buitenplaats Gansenhoef is te vinden aan het Zandpad nummer 29 in Maarssen, langs de rechteroever van de Vecht, tussen Maarssen en Breukelen.

De oudste vermelding van een huis Gansenhoef dateert van 1654. In dat jaar wordt de latere dichter Lucas Rotgans op Gansenhoef geboren. Hij is een zoon van Geertruy Huydecoper en Jacob Lucas Rotgans. Van Lucas Rotgans is bekend dat hij later op Cromwijck naast Gansenhoef aan de Vecht woonde. Johan Huydecoper (1599-1661), bewoner en eigenaar van Goudestein, is mogelijk ook de eerste eigenaar geweest van Gansenhoef. Huydecoper gaf in 1655 de architect Vingbooms de opdracht om op de plaats van de hofstede een buitenhuis te bouwen. Hoe het huis er uit gezien heeft, kunnen we zien in het boek ‘De zegepralende Vecht’ uit 1719. Hierin vinden we twee fraaie afbeeldingen van het huis. Vermoedelijk is het huis oorspronkelijk gebouwd in het Hollands classicisme van de zeventiende eeuw. Maar daar is niet veel meer van terug te vinden, want het huis is in de achttiende, negentiende en twintigste eeuw dikwijls verbouwd. Het poortgebouw werd afgebroken, er werd een koepel op het terrein gebouwd en het voorplein kreeg een andere opzet. Het huis heeft nu voornamelijk een begin 19e-eeuws uiterlijk. Aan de achtergevel van het huis is nog een achttiende-eeuwse koepeluitbouw bewaard gebleven.

Gansenhoef is in de loop der eeuwen heel vaak van eigenaar verwisseld.

In juli 1947 wordt Gansenhoef aangekocht door de stichting Nationaal Geuzengesticht ‘Wilhelmus van Nassauen’. Deze stichting, die al in 1873 opgericht is, trekt zich het lot aan van weeskinderen. Van 1948 tot 1982 is Gansenhoef een tehuis voor zo’n 30 tot 40 kinderen. Begin jaren tachtig zijn de gezinsvervangende tehuizen in opkomst en de kinderopvang wordt verplaatst naar een aantal woonhuizen in de wijk Reigerskamp in Maarssenbroek. Na het vertrek van het kindertehuis is de oorspronkelijke woning van de tuinbaas en het gymnastieklokaal omgebouwd tot een aantal bungalows. In de tuin bij deze bungalows, die de naam ‘Gansenhoeck’ dragen, staat een fraaie gietijzeren theekoepel, die in 1997 van elders naar het terrein van Gansenhoef is overgebracht. De huidige eigenaren, de heer en mevrouw Geeris, hebben met veel inzet geprobeerd Gansenhoef in- en uitwendig in oude luister te herstellen.

Afbeelding: Periodiek HKM augustus 2013

Meer informatie

Johan Huydecoper kocht veel grond op langs de Vecht, om deze daarna, eventueel verkaveld, weer te verkopen. In 1654 woont zijn zuster Geertruy Huydecoper in het huis en in dat zelfde jaar verkoopt ze het samen met haar man Jacob Lucas Rotgans aan Raymond de Smeth. De Smeth verkoopt Gansenhoef in 1679 aan zijn zakenpartner Jacobus Scott. Scott verkoopt het huis op zijn beurt weer aan Sybrant Abbema. Abbema heeft Gansenhoef ook niet lang in bezit, want al op 12 januari 1701, wordt opnieuw een Huydecoper (Johan Elias) de eigenaar. Rond 1860 is Edward Huijdecoper van Nigtevecht eigenaar en hij koopt in die jaren grote delen van de uitgestrekte tuinen van Hoogevecht en Otterspoor om deze toe te voegen aan het grondgebied van Gansenhoef. Daarna blijft het tot 1904 in bezit van de familie Huydecoper.

Het terrein werd aanzienlijk groter, toen rond 1870 de grond van de inmiddels verdwenen buitenplaats Otterspoor aangekocht werd. Het huis heeft een T-vormige plattegrond; het dak is een afgeplat schilddak met de nok parallel aan de weg en aan de achterzijde haaks hierop een ander schilddak. Het huis ligt in een bosachtige park, waar ook de nog bestaande boerderij ‘Klein Gansenhoef’ en boomgaarden bij horen. Verspreid over het park is nogal wat ‘stinzenflora’ aanwezig.

Bewoners

1654 Geertruy Huydecoper en Jacob Lucas Rotgans

1654 – 1679 Raymond de Smeth

1679 Jacobus Scott

– 1701 Sybrant Abbema

1701 Johan Elias Huydecoper

– 1904 familie Huydecoper

de heer Tjebbes

de heer Hotjus

de heer Oskam

1947 – 1982 Stichting Nationaal Geuzengesticht ‘Wilhelmus van Nassauen’

1982 de heer en mevrouw Geeris

Huidige doeleinden

Woonhuis en kantoor. Het huis is niet opengesteld voor bezichtiging.

Bronnen

Archief Historische Kring Maarssen

Site van Utrechtsebuitenplaatsen/Gansenhoef

LEEUWENBURGH (5) - Zandpad 24 Maarssen

PG2017

Leeuwenburg

De buitenplaats Leeuwenburg ligt ten noorden van Maarsen aan het Zandpad 24, langs de rechteroever van de Vecht, even voorbij Geesberge. Pas in 1789 gaat het huis Leeuwenburg heten. De oudste vermelding van het huis dateert van 1657, toen onder de naam Spruytenburgh. Voor 1657 komen we op de plaats van Leeuwenburg de naam Boekendael tegen, wat mogelijk de naam geweest is van een boerderij op die plaats, die verbouwd of ingericht werd als landhuis of ‘lustplaats’. In 1660 komen we de naam Spruytenburgh tegen op een kaart van ‘De Heerlycheit Maarseveen’, maar er is dan nog geen sprake van een huis. Pas in 1690 zien we het huis afgebeeld op een kaart die de zoon van Joan Huydecoper, Joan Huydecoper II, laat vervaardigen van Maarseveen. Leeuwenburg bestaat uit twee aan elkaar gebouwde huizen, elk met een eigen bedaking en een hoogteverschil tussen de begane vloeren van 30 cm. Het huis heeft ook de beschikking over een theekoepel. Deze is achthoekig en is voorzien van een rieten puntdak. (Lees verder…)

 

(oude foto met onderschrift)

 

Meer informatie

Oorspronkelijk behoorde het terrein waarop Leeuwenburg gebouwd werd bij de boerenhofstede Geesbergen. Geesbergen werd in 1649 gekocht door Joan Huydecoper, eigenaar van Goudestein. Niet lang daarna (in 1657) verkoopt Huydecoper de grond in delen aan gegadigden, die er een buitenplaats willen gaan bouwen. Tot ongeveer 1800 woonden er Portugees-joodse kooplieden in het huis: tot 1697 David Cardoso, vervolgens Salomon de Lima en ten slotte Joseph Suasso de Lima. Het meest oostelijke deel van het huis dateert nog uit de zeventiende eeuw en is waarschijnlijk het oorspronkelijke huis Spruytenburgh. De ouderdom van de westelijke helft is niet duidelijk. Waarschijnlijk bestond het al voor ca. 1800 en werd het in het begin van de negentiende eeuw verbouwd in empirestijl. Mogelijk stamt de westelijke helft toch ook uit de zeventiende eeuw! Eind achttiende eeuw kreeg het huis zijn huidige naam, die we voor het eerst tegen komen in 1789. Waarschijnlijk werd het huis in dat jaar verbouwd in zijn huidige vorm en is daarbij van naam veranderd.

Van 1842 tot 1853 woonde de familie Wesseling op Leeuwenburg met negen kinderen en ook inwonend waren Hendrik van Doorn, huisonderwijzer, vijf dienstboden en een tuinman. Als in 1860 de advocaat Mr. Donker Curtius tijdelijk verblijf houdt op zijn buitenplaats, koopt hij Vreedelust, voorheen genaamd Neerbeek, benevens een perceel bouwland met woning en schuurtje, genaamd Sluisoord. Aan het eind van de negentiende eeuw werd aan de zuidzijde een aanbouw met veel glas toegevoegd. Die werd in 1985 afgebroken, omdat deze het huis erg ontsierde. In de twintigste eeuw kwam er wel een aanbouw bij aan de noordkant van het huis, in opdracht van de familie Huydecoper die hier woonde tussen 1927 en 1952.

Sinds ca. 2005 is het huis eigendom van Prof. Dr. J.W. Gunning.

Bewoners

1649 – 1657 Joan Huydecoper

1657 – 1663 David Cardoso (koop)

1663 – ca 1683 Van der Cooghen (koop)

  1. 1683 – 1684 Jan en Jacob van Lennep (vererving)

1694 – 1697 Salomon de Lima (koop)

1730    Lopez Suasso

1731    Samuel Baruch (koop)

  1. 1748 Joseph Suasso da Lima, getrouwd met Ribca Mendes da Silva

– ca. 1807 Jkvr. Rachel de Suasso de Lima

1829    J.H. Vreedenburg

1842 – 1853 S.H. Wesseling (met 9 kinderen)

1853    J. Helb

1856    J.F. Joha

1857    J.H.G. Kenkel

1860    Mevr. J. Kijzer-van Weenen (koop)

1863 – 1865 Mr. Francois Cornelis Donker Curtius, advocaat (koop)

1865 – 1881 Catharina Elisabeth Hachmeester Eekhout (koop)

1882 – 1886 M.L.H. Thissen

1887 – 1893 J.A.M. Korpershoek v.d. Kooij (koop)

1893 – 1896 J.M.E. Duvelaer van Campen (koop

1897 – 1901 M. Bonsema van Bentum (koop)

1901 – 1910 Adolf Jacob Hendrik Willem baron van Heeckeren (koop)

1910 – 1913 Ir. Cornelis Wernard Edward van Voorst van Beest (koop)

1916 – 1927 L.G. Mohrman (koop)

1927 – 1929 Familie Nijland (koop)

1829 – 1952 Jhr. Joan Huydecoper van Maarsseveen (koop)

1953 – 1969 Mevr. J.A.V. van Rossum-Waterman (koop)

1969    Prof. Dr. Adriaan van Rossum (vererving)

  1. 2005 Prof. Dr. J.W. Gunning

Bronnen

Tekst: Historische buitenplaatsen in particulier bezit, 1991

Website Utrechtsebuitenplaatsen/Leeuwenburg

http://www.kasteleninutrecht.eu/#

GEESBERGE (8) - Zandpad 23 Maarssen

 

Geesberge

Deze buitenplaats ligt net iets ten noorden van Maarssen-Dorp op de rechteroever van de Vecht aan het Zandpad 23 bij het begin van de Machinekade. In 1649 komt de naam Geesberge voor de eerste keer voor; er is dan alleen nog sprake van een boerderij.

De familie Huydecoper koopt in 1649 van de erfgenamen van Sebastiaan van Geesbergen de Huizinge en Hofstede genaamd ‘Op Geesberge’ met de hof, boomgaard, hennepakker en vier kampen weiland. De nieuwe buitenplaats wordt door de familie Huydecoper in eerste instantie verhuurd voor f 150,– per jaar en de grond voor f 225.–. Het kende in de eeuwen daarna verschillende eigenaren en pachters.

In 1912 verkopen de gebroeders Van Bemmel de buitenplaats aan H.J. Heinsius sr. voor f 7500,–. De heer Heinsius sticht een kwekerij en in 1932 wordt het huis overgenomen voor hetzelfde bedrag door H.J. Heinsius jr. Hij kweekte er rozen in kassen. De buitenplaats bezat ook een koetshuis en een tuinmanswoning, die in verband met bouwvalligheid in 1935 werden afgebroken. De kassen die de heer Heinsius jr. had gebouwd gingen in de oorlog grotendeels verloren. Na 1948 werd het huis omgebouwd tot restaurant met een midgetgolfterrein. De eigenaar gaf het merendeel van de oude stukken over het pand aan de heer A.P. Rientjes, pastoor van Maarssen, ter bestudering. Na het overlijden van de pastoor konden deze papieren helaas niet meer worden teruggevonden, zodat we weinig details weten over het verleden van dit huis. (Lees verder…)

 

 

Meer geschiedenis

Eerst kochten de Huydecopers 12 morgen grond voor f. 9.137,50 en wat later nog 2 morgen voor f. 3566,40 (De prijs hiervan was zo hoog omdat er tichelaarde aanwezig is, die goed gebruikt kon worden voor het bakken van stenen). In 1649 laat de familie Huydecoper een gravure vervaardigen van hun eigendommen langs de Vecht en daarop zien we ook dat Geesbergen als boerderij is afgebeeld. Niet lang daarna gaat de familie over tot de verkoop van de grond in verschillende kavels. 3,25 morgen wordt verkocht voor de bouw van Hoogevecht, 1,25 morgen voor Neerbeek, een gedeelte voor Sluisoort en een deel voor Spruytenburgh, het latere Leeuwenburg. Uiteindelijk blijft er bijna 6 morgen over voor de buitenplaats Geesbergen. In de 18e eeuw woonde hier de Portugees-Joodse familie Franco Mendes. Deze familie woonde niet altijd in het huis: David Franco Mendes verhuurt het huis in 1768 aan Jacob Bicker Raye voor drie jaar voor f. 325,-. Jacob was in 1764 getrouwd met Lucretia Otterbos. In 1829 wordt de buitenplaats gekocht door Magdalena Cornelia Haack, van Vrouwe Adriana Eva van Asch van Wijck, echtgenote van Jhr. Dirk de Geer. Zij is op 28 oktober 1834 overleden en haar erfgename is Wilhelmina Johanna van der Goes, gehuwd met Mr. Carel Anthony Marchant, lid van het gerechtshof der Kolonie Surinamen. In 1835 wordt het huis overgedaan aan T.H. Abels van Waveren, eigenaar van Bolenstein, die de buitenplaats in datzelfde jaar weer doorverkoopt aan Willem Gualtherus van der Muelen voor f. 5000,-. Op Geesbergen woonde van 1850-1863 Willem G. van der Muelen, geboren in 1797, rentenier en gehuwd met Geertruida Hoffman (geb. 1799).

Geesbergen had een schilddak, een hardstenen stoep en een voordeur met een Louis XVI omlijsting. In het interieur vinden we een korte gang met marmeren tegels, 18e-eeuwse grenen binnendeuren, met middenpanelen van eiken. In de twee lage kamers aan de Vechtzijde bevinden zich twee haardomlijstingen van marmer: één uit het midden van de 19e eeuw en één in empire stijl. In een kamer op de bovenverdieping bevindt zich ook nog een haard uit het midden van de 19e eeuw.

Vroeger heette het huis Geesbergen, maar op een smeedijzeren hek (dat inmiddels is verdwenen) stond Geesberge, omdat het huis de laatste 70 jaar zo werd genoemd

Bewoners

– 1649 Sebastiaan van Geesbergen

1649  De familie Huijdecoper

18e eeuw  Portugees-Joodse familie Franco Mendes

1768  David Franco Mendes

1768 – 1771 Jacob Bicker Raye (huurder)

– 1829 Vrouwe Adriana Eva van Asch van Wijck

1829 – 1834 Magdalena Cornelia Haack

1834 – 1835 Wilhelmina Johanna van der Goes

1835    T.H. Abels van Waveren, eigenaar van Bolenstein

1835    Willem Gualtherus van der Muelen

1850 – 1863 Willem G. van der Meulen

1863   J. Wiggers, geneesheer

– 1912  De gebr. Van Bemmel

1912 – 1932 H.J. Heinsius sr.

1932    H.J. Heinsius jr.

 

Huidige doeleinden

Het huis is nu in gebruik als restaurant. Het restaurant is ook opengesteld voor feestelijke bijeenkomsten en recepties.

 

Bronnen

Archief Historische Kring Maarssen

Plaatsen langs de Vecht en de Angstel, 1981

http://www.kasteleninutrecht.eu/#

http://www.geesberge.nl/

MARIENHOF (28) - Diependaalsedijk 52 Maarssen

PG2017

Mariënhof

Deze buitenplaats is ook bekend onder de naam ‘Het Klokje’ vanwege de klokkenstoel op het dak. De weg die haaks op de Diependaalsedijk langs Mariënhof loopt, heet dan ook nog steeds Klokjeslaan. Het huis staat aan de Diependaalsedijk nr. 52 in Maarssen-Dorp

Deze buitenplaats is gebouwd in het begin van de zeventiende eeuw en het grondgebied werd in 1796 uitgebreid door de aankoop van Annenhof. Dit lag helemaal in de hoek, direct naast de T-splitsing Diependaalsedijk-Klokjeslaan.

Afbeelding: Het huis in 1981, foto archief HKM

Bewoners

1624 – 1657 Joan Huydecoper

1657 – 1664 Leonora Huydecoper

  1. 1664 Sibert Jelmus (koop)

1705     Wed. van der Schelling

– 1718  Siewerd van der Schelling

1718 – 1725 Otto Surman (koop)

1725 – 1750 Aron Capadoce (koop)

1750 – 1768 Diego Xiemens Pereira (koop)

1768 – 1783 Jan Willem Willemsen (koop)

1783 – 1796 Eteinne Jean Fizeaux (koop)

1796 – 1833 Anthonius Hendricus Mahne (koop)

1833 – 1844 Louise Petronella Mahne

1844 – 1859 Maria Adriana Tonneman (koop)

1859 – 1912 Jhr. Joan Huydecoper (koop)

1912 – 1939 Jkvr. Louise Janna Huydecoper, getr. met W.H.J. Rooyaards

1939 – 1951 Louisa Reiniera Jeanne Antoinetta Royaards

1939 – 1954 Benudina Maria Royaards

1939 – 1954 Hermance Royaards

1954 – 1966 Willem van Leusden (koop)

1966 – 1970 D.B. Chardon (koop)

1970    J.H.M. Kamp (koop)

……..

 

Bronnen

Archief Historische Kring Maarssen

Periodiek van de Historische Kring van Maarssen. 1986, blz. 12

  1. Munning Schmidt. Plaatsen aan de Vecht en de Angstel, 1985

VECHTOEVER (30) - Diependaalsedijk 33 Maarssen

PG2017

Vechtoever

Deze buitenplaats ligt op de rechter oever van de Vecht, net iets ten noorden van Maarssen-Dorp met een ingang aan de Diependaalsedijk.

Vechtoever heeft de kenmerken van een achttiende-eeuws landhuis en is dan ook in die eeuw gebouwd. Het huis is ongeveer zo oud als het huidige Goudestein (1754). Het huis heeft een voorganger gehad, die al in 1694 is genoemd als het gekocht wordt door Antonio Alvares Machado. Het huis heette toen ‘Den Oever’ en was een hofstede, een buitenplaats gebouwd in de stijl van de boerderijen in de omgeving. De oudste afbeelding van de hofstede komen we tegen in ‘De Zegenpralende Vecht’ uit 1719. Tegen het einde van de achttiende eeuw behoort Vechtoever aan Gerardus Lambertus Dommer. Hij wil graag aan het huis een kapel bouwen en vraagt daarvoor zelfs toestemming van de paus. In 1797 krijgt hij deze toestemming en heeft hij de kapel laten bouwen. Waarschijnlijk bevond deze zich in de kamer rechts van de ingang, omdat in het stucwerk in het plafond twee harten en vier doornenkronen zijn te herkennen. Een belangrijke bewoonster was Maria Dommer. Zij woonde op Vechtoever na de dood van haar ouders tot 1840. Zij was begaan met het lot van anderen en kocht in 1835 Endelhoven voor de verpleging van bejaarde vrouwen.

Het park rond Vechtoever werd tot 1958 afgesloten door een inrijhek met vier hardstenen pijlers met daarop marmeren borstbeelden. Bij de restauratie in 1962 was men van plan weer een hek te plaatsen, inclusief de marmeren beelden, maar dit bleek financieel niet haalbaar.

Vechtoever had oorspronkelijk twee theekoepels, één aan de Diependaalsedijk (afgebroken na 1832) en één langs de Vecht. Bij een brand in 1920 verloor deze theekoepel zijn bovenbouw; in de jaren zestig is de theekoepel fraai gerestaureerd. Ook een koetshuis bevindt zich op het terrein.

Inmiddels is het huis weer privé eigendom en werd tot 2011 bewoond door de familie Bohnen. De huidige eigenaar is T. de Graaf. (Lees verder…)

Afbeelding: Ansichtkaart 1915, archief HKM

 

 

Meer geschiedenis

Zoals hierboven al vermeld stond er in de 17e eeuw, waarschijnlijk op dezelfde plaats als het huidige huis, een hofstede. Deze hofstede werd gebouwd in het begin van de 17e eeuw door welgestelde kooplieden uit Amsterdam. De naam Vechtoever komt al voor op een kaart uit 1629. Den Oever, zoals deze hofstede ook wel werd genoemd, wordt in 1694 gekocht door Antonio Alvares Machado. Machado was o.a. geldbewaarder van stadhouder Willem III en begeleidde hem op zijn toch naar Engeland in 1688. Zijn zoon Jacob Hiskia Machado bewoonde Den Oever na zijn vader, die in 1707 overleed. Den Oever komt ook voor op een kaart van de Vechtstreek van 1660.

Ook Vechtoever kreeg, toen de laatste privé-bewoner de heer G.K.S. van Walree, Vechtoever bij testament vermaakte aan de Noord-Hollandse vereniging: ‘Het Witte Kruis’ met een bestemming als verblijf voor rustende verpleegsters. De heer Van Walree, heeft in de periode dat hij Vechtoever bewoonde (1898-1910), het huis, dat erg slecht onderhouden was door de vele eigenaren die het huis tussen 1840 en 1898 bewoonden, fraai laten restaureren.

Uit het taxatierapport dat in 1910 werd opgemaakt, blijkt dat Vechtoever weer een schitterend interieur had, met geschilderd behangsel, Amstel-servies en kostbare schilderijen.

In 1941 kreeg Vechtoever weer een andere bestemming toen ‘Het Witte Kruis’ besloot Vechtoever te verhuren aan de Stichting Arbeidsinstellingen voor geestelijk onvolwaardigen (de A.G.O.). Het huis moest worden aangepast voor de huisvesting van 45 jongens. Er is dan geen geschilderd behang meer en de bewerkte panelen van de eikenhouten deuren waren aan het oog onttrokken. Er is toen geen verandering in de indeling van het huis aangebracht.

 

Bewoners

– 1653 Guillelmo Mostaart

1653 – 1657 Elias van den Welborg (koop)

1657 – 1664 Philips Metsu (koop f. 5500)

1664 – 1671 Pieter Haack (koop)

1694 – 1707 Antonio Alvares Machado

1707 – na 1720 Jacob Hiskia Machado (zoon)

  1. 1748 Raphael Mendes da Costa
  2. 1797 Gerardus Lambertus Dommer

– 1840 Maria Dommer

1840 – 1858 Pieter van Cranenburh (neef)

1858 – 1860 Christina M.J. Kock, weduwe van voorgaande

1860 – 1863 erven van echtpaar Van Cranenburgh-Kock

1863 – 1867 C.A.E. van den Honert (koop)

1867 – 1870 C.J. van der Schalk (koop)

1870 – 1884 M.W. Rijnbende (koop)

1884 – 1890 Mr. Ferdinand Theodoor Pahud de Mortanges (koop)

1890 – 1898 J.H. Klütgen (koop)

1898 –  ‘Het Witte Kruis’ als verblijf voor rust behoevende verpleegsters

1941 –  Jongensinternaat van de Stichting A.G.O.

– 2011 de heer en mevrouw Bohnen

2011 T. de Graaf

 

Huidige doeleinden

Woonhuis. Het huis is niet opengesteld voor bezichtiging.

 

Bronnen

Archief Historische Kring Maarssen

http://www.kasteleninutrecht.eu/#

 

SILVERSTEYN (33) - Diependaalsedijk 19B Maarssen

Silverstein

Deze kleine buitenplaats ligt aan de Diependaalsedijk 19B, aan de rechteroever van de Vecht, vlak naast Goudestein, iets ten noorden van Maarssen-Dorp.

Volgens de beschrijving van Goudestein werd deze buitenplaats in 1717 uitgebreid met de bouw van ‘Silversteyn’. In 1744 wordt de buitenplaats opgekocht door de eigenaar van Goudestein, de heer Johan Huydecoper, die de buitenplaats verbouwt tot koetshuis van Goudestein.

Tegenwoordig is in het gebouw het Vechtstreekmuseum gevestigd en doet het dienst als  vergaderruimte en als het archief van de Historische Kring Maarssen. Het deel dat aan de kant van de Vecht is gelegen, is het woonhuis van de voormalige bode van het gemeentehuis.

 

Meer informatie

http://www.kasteleninutrecht.eu/

Bronnen

Archief Historische Kring Maarssen

GOUDESTEIN (34) - Diependaalsedijk 19 Maarssen

Foto: Ria Tijhuis

Goudestein

Deze buitenplaats is een van de bekendste in Maarssen met een ingang aan de Diependaalsedijk en aan de Vecht. Sinds 1961 is het gemeentehuis en een gewilde locatie voor huwelijken en andere plechtigheden. Enkele kamers zijn nog in gebruik als werkruimte voor burgemeester en wethouders. Een gedeelte van de zolder is als gemeentelijke Oudheidkamer ingericht.

Goudestein werd gebouwd in 1628 op de plaats van de hofstede “de Gouden Hoeff”.

De geschiedenis begint kort na 1600. In 1608 koopt Jan Jacobszoon Huydecoper ‘de huysinge mette hofstede genaemt De Gouden Hoeff’. Goudestein, zoals Joan Huydecoper het liet bouwen, was een van de eerste buitenverblijven in de Vechtstreek en een vrij eenvoudig gebouw, ook wel ‘hofstede met stedelijke elementen’ genoemd. Gedurende de achttiende eeuw werden verschillende hofsteden vervangen door grote moderne gebouwen van het type stadhuis-buiten, zo ook met Goudestein. Eerst werd echter in 1717 de buitenplaats Goudestein vergroot met het ernaast gelegen ‘Silversteyn’. In 1754 vond een ingrijpende verbouwing van het huis plaats, zodat het er in grote trekken uit zag zoals wij het nu kennen. Het buiten is voornamelijk bewoond geweest door de Huydecopers en de Royaards. In 1938 kwam het leeg te staan.

De oorlog heeft Goudestein niet onberoerd gelaten. In de oorlogsdagen van mei 1940 werd Goudestein betrokken door Nederlandse militairen, die er ook na de capitulatie nog geruime tijd verbleven. Daarna werd het huis in beslag genomen door de Nederlandse Arbeidersdienst voor meisjes, vervolgens door de Landwacht, afgelost door SS-troepen. Bij de invasie van de geallieerden in het zuiden van het land in september 1944 bood Goudestein onderdak aan evacués uit Limburg. (Lees verder)

Meer geschiedenis

Jan Jacobszoon Huydecoper was een belangrijk man in de Amsterdamse koopmanswereld en waarschijnlijk was geldbelegging de voornaamste reden voor deze aankoop. In 1628 liet Joan Huydecoper, de zoon van Jan Jacobszoon, op de plaats van de hofstede en ook volgens de type van een hofstede, het buiten Goudestein bouwen. Ook Joan Huydecoper was een vermogend en belangrijk man. Zo werd hij in 1620 schepen en in 1634 bewindvoerder van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en was hij meerdere malen burgemeester van Amsterdam. In 1640 werd Joan ‘Heer van Maarsseveen’.

De eerste steen voor het nieuwe Goudestein werd gelegd op 5 oktober 1754 door Willem Huydecoper. Een blauwe gevelsteen in de zijgevel herinnert aan deze gebeurtenis. De tekst op de steen luidt: “Willem Huydecoper oudt 10 jaren en 8 maanden, heeft de Eerste steen van dit gebouw gelegd op den 5e October des Jaars 1754”. Van 1608 tot 1938 werd Goudestein bewoond door leden van het geslacht Huydecoper. Het laatste, van 1905 tot 1938, woonde in het huis de familie Royaards-Huydecoper.

Na de capitulatie in 1945 werd het huis achtereenvolgens betrokken door Engelse en Canadese militairen. Direct na de oorlog, nog in 1945, werd er een grote vondst gedaan: het archief van Balthazar Huydecoper, een befaamde taal- en letterkundige, werd in Goudestein terug gevonden! Vanaf 1946 tot 1959 was in Goudestein het Rijksinternaat voor Sociale Jeugdzorg gevestigd. In 1955, respectievelijk 1957, besloot de gemeenteraad van Maarssen de buitenplaats Goudestein aan te kopen van de toenmalige eigenaars en het gebouw te bestemmen als gemeentehuis. Gedurende de jaren 1960 en 1961 werd Goudestein gerestaureerd, waarna het op 19 januari 1961 officieel als gemeentehuis in gebruik werd genomen. Ook in de jaren daarna vonden nog restauraties plaats, zoals in 1961/62 die van het bij Goudestein behorende koetshuis en in 1977/78 van de trouwzaal in Goudestein.

Aanvankelijk werden in 1961 alle gemeentelijke afdelingen in Goudestein ondergebracht. Door uitbreidingen van het werk werd het gebouw hiervoor echter te klein en men besloot op het terrein naast Goudestein een apart gemeentelijk administratiekantoor te bouwen. In 1989 werd Goudestein opnieuw gerestaureerd en sindsdien bevindt zich nu ook een lift in het gebouw. Het landhuis heeft een vierkante plattegrond en wordt afgedekt met een afgeplat schilddak van blauwe pannen. Op de hoeken staan vier schoorstenen met windkappen en windvaantjes (helmteken Huydecoper). De voorgevel, die naar de Vecht gericht is, heeft een monumentale ingangspartij met op de hoeken blokpilasters. In de omlijsting om de ingang bevindt zich tussen deur en venster een alliantiewapen van de familie Huydecoper-Ram. Het souterrain heeft zes-ruits draaivensters met luiken, de bel-etage 45-ruits schuifvensters en de verdieping 35-ruits schuifvensters. Het pand heeft rondom een attiek met hekwerk. In de voorgevel zijn gevelstenen aangebracht. Eén gevelsteen verwijst naar het bouwjaar van het buiten en in de andere steen wordt het jaar van ingebruikname als gemeentehuis vermeld

Bewoners

1608 Jan Jacobszoon Huydecoper

  1. 1628 Joan Huydecoper

-1938 familie Royaards-Huydecoper

1946-1959 Rijksinternaat voor Sociale Jeugdzorg

1960 gemeente Maarssen.

Huidige doeleinden

Gemeentehuis Stichtse Vecht.

Bronnen

Archief Historische Kring Maarssen

http://www.kasteleninutrecht.eu/

http://www.utrechtsebuitenplaatsen.nl/buitenplaats/goudestein

DOORNBURGH (36) - Diependaalsedijk 15-17 Maarssen

 

Doornburg

Achter de stenen muur aan de Diependaalsedijk ligt de van oorsprong buitenplaats Doornburg op de rechteroever van de Vecht. Tot en met 2016 was het buiten de locatie van de priorij Emmaus.

Dit huis werd gebouwd tussen 1653 en 1655 in opdracht van Pieter Brugman. De eerste vermelding van Doornburgh dateert van 1623, wanneer Doornburgh opgedragen wordt aan de Amsterdamse koopman Jan Claesz. van Vlooswijck. Er wordt dan alleen grond verkocht. Tussen 1623 en 1653 wordt er een hofstede gebouwd, die op 7 juni 1653 door Hendrick de Beyer, die ondertussen de eigenaar is geworden, verkocht wordt aan Pieter Brugman.

Sindsdien heeft het huis vele eigenaren gehad die allen aanpassingen hebben gedaan en restauraties uitgevoerd. Ook het fraaie hek langs het Zandpad is hieruit voortgekomen. Hieronder is meer informatie gegeven over alle aanpassingen.

In 1954 vat men het plan op om een nieuwe weg aan te leggen vanaf de Amsterdamsestraatweg naar de Dr. Ariënslaan in Maarssen-Dorp. De weg zou gaan lopen over het terrein van Doornburgh, een brug over de Vecht en het voorplein van Bolenstein. Op tijd ziet men de historische waarde van de landgoederen in en gaat de nieuw geplande weg niet door. Uiteindelijk wordt in 1957 het huis gekocht door de Priorij van de Reguliere Kanunnikessen van het Heilig Graf. Ze willen naast het oude pand een nieuw kloostergebouw stichten, wat na zeven jaar procederen eindelijk lukte. (Lees verder…)

Meer geschiedenis

Lang is deze Brugman niet eigenaar geweest, want al twee jaar later verkoopt hij dit bezit weer aan Johan van Egeren. Dan is er sprake van een ‘huijzinge’, waaruit we opmaken dat de Doornburgh tussen 1653 en 1655 gebouwd is.

Nadat Johan van Egeren overleden is, wordt het huis in 1684 verkocht aan Willem Pietersen van Son. Van hem vinden we boven het grote barokke toegangshek langs de Vecht zijn symbool. Waarschijnlijk heeft deze Willem het huis ingrijpend veranderd en is het toegangshek de bekroning van de verbouwing. Het huis is in elk geval begin 18e eeuw veranderd in de voor die tijd typerende vorm van een bijna vierkant gebouw. Na zijn overlijden verkoopt zijn weduwe het huis in 1718 aan Abraham Romswinckel, resident van de Pruisische koning te Amsterdam. Ook Romswinckel verkoopt de buitenplaats weer, en wel voor f. 11.000,- aan Jacob de Chaves, waarmee het huis in Portugees-Joodse handen komt, zoals vele andere huizen in Maarssen.

In april 1772 wordt het huis aangekocht door Jan Elias Huydecoper. Tot in de 20e eeuw bewoont de familie Huydecoper het huis en in die periode veranderd er veel aan de tuin. Van oorsprong is het landgoed maar één morgen groot (0,85 ha), maar daar komt verandering in, door het verdwijnen van drie buitenplaatsen, namelijk Vechtleven, Somersbergen en Elsenburg, rond het jaar 1800. De familie koopt de grond van deze huizen op en trekt deze bij de tuin van Doornburgh. Doordat de tuin nu veel groter is geworden, wordt deze in het begin van de 19e eeuw omgevormd tot een landschapstuin door D.J. Zocher.

In oktober 1912 wordt het goed gekocht door J.P. van Voorst van Beest; deze laat het restaureren door de kunstschilder G. de Groot (in 1922). Het huis wordt nogal ingrijpend veranderd door het aanbrengen van nieuwe bouwelementen uit andere panden: de schoorsteenmantel is afkomstig uit het huis Janskerkhof 12 te Utrecht (waar de familie ooit woonde); de ingangspartij is gesloopt van een patriciërshuis te Groningen. Nieuwe, glanzende dakpannen vervangen de oude, matte pannen.

Het hoofdgebouw “Doornburgh” is rechthoekig en wordt afgedekt door een afgeplat schilddak met op de hoeken vier schoorstenen met windkappen en vanen. Op de forse, geprofileerde kroonlijst staan aan iedere zijde drie dakkapellen met barokke omlijsting. Deze bestaat uit een rococo deur gevat in natuurstenen pilasters met daarop vazen. De vensters zijn allen empire-schuifvensters met luiken

Bewoners

1623 Jan Claesz. van Vlooswijck

– 1653 Hendrick de Beyer

1653 – 1655 Pieter Brugman.

1655 – 1684 Johan van Egeren

1684 – 1718 Willem Pietersen van Son

1718 Abraham Romswinckel

Jacob de Chaves

– 1772 vrouwe Rachel de Pinto, wed. van Samuel Ximenes Pereira

1772 Jan Elias Huydecoper

– 1912 familie Huydecoper

1912 – 1957 J.P. van Voorst van Beest

1957 Stichting van de Kanunnikessen van het Heilig Graf

Bronnen:

Archief Historische Kring Maarssen

Info Priorij Emmaüs

http://www.kasteleninutrecht.eu/

http://www.utrechtsebuitenplaatsen.nl/buitenplaats/doornburgh

RAADHOVEN (39) - Herengracht 20 Maarssen

PG2017

Raadhoven

Het buiten Raadhoven (Raethoven, Raetsacker) ligt aan de Herengracht nr. 20 in Maarssen. Het huis is gebouwd rond 1659.

Naast de grotere buitens, werden er ook buitens van kleinere omvang gebouwd in de zeventiende eeuw. Deze huizen waren meestal bescheidener van afmeting en hadden weinig ornamentwerk. Tot deze kleinere buitens behoort Raadhoven.

De grond waarop vele buitens langs de Vecht rond Maarssen gebouwd zijn, was oorspronkelijk eigendom van Johan Huydecoper, de eigenaar van Goudestein. Johan kocht veel grond op en verkocht deze vervolgens weer aan rijke Amsterdammers, die er hun buitens op lieten bouwen.

Zo werd op 26 april 1659 de kavel “Raatsacker” gekocht door August van Eck, schout van Maarsseveen. Hoogstwaarschijnlijk is Van Eck de stichter van Raadhoven. Op een kaart uit 1660 komt het buiten al voor. Waarschijnlijk heeft Raadhoven niet te lijden gehad van de Fransen in het rampjaar 1673, omdat er bij de restauratie in 1978/1979 plafondschilderingen gevonden zijn uit de periode dat het huis gebouwd werd. Omstreeks 1700 werd Raadhoven vergroot door het samenvoegen van het voorhuis met het achterhuis. Over de verdere bouwgeschiedenis is weinig bekend, hoewel in het interieur de sporen van verschillende eeuwen zijn terug te vinden. (Lees verder…)

Meer informatie

Eind 18e eeuw woonde een Schout van Maarsseveen, dhr. J. van der Helm nog op Raadhoven, maar begin 19e eeuw heeft het een tijd leeg gestaan. Daarna werd het bewoond door o.a. Willem Huydecoper van Nigtevecht en eind 19e eeuw door Johan G.F. Schaap.

Het pand heeft een vierkante plattegrond en wordt afgedekt door twee achter elkaar liggende zadeldaken: de dakvorm die bij de boerenwoningen in de Vechtstreek dikwijls werd toegepast. Onder het zadeldak bevindt zich een smalle gootlijst. Het pand heeft een symmetrische voorgevel met in totaal vijf vensters naast elkaar.

In het huis treft men fraai stucwerk aan, onder andere in Louis-XVI stijl. In het huis bevinden zich nog de oorspronkelijke deuren uit de zeventiende eeuw; terwijl de deur die toegang geeft tot de kelder, nog ouder moet zijn: uit 1580-1620 en dus voor het bestaan van Raadhoven al dienst heeft gedaan in een ouder gebouw. Bij het huis hoorde een lange smalle tuin, die door liep tot aan de Diependaalsedijk. In 1980 zijn in deze tuin vijfenveertig woningen gebouwd: het complex ‘Achter Raadhoven’

Bewoners

1659 August van Eck, Schout van Maarsseveen

Eind 18e eeuw J. van der Helm

  1. 1850 Willem Huydecoper van Nigtevecht
  2. 1890 – 1900 Johan G.F. Schaap

1900 drie kunstschilders

  1. 1910 – 1978 opvoedingscentrum voor verwaarloosde jongens, meisjestehuis en tehuis voor ouderen van het Leger des Heils.

1978 Woningbouwvereniging Goed Wonen

2007 Fam. R. Vollenbrock

Huidige doeleinden

Woonhuis. Het huis is sinds 2008 weer particulier bewoond en niet opengesteld voor bezichtiging.

Bronnen:

Archief Historische Kring Maarssen

http://www.kasteleninutrecht.eu/

http://www.utrechtsebuitenplaatsen.nl/buitenplaats/raadhoven

'T DORP VAN MAERSSEN (40)

Afbeelding uit De Zegepraalende Vecht 1719

© 2018 Historische Kring Maarssen

Website door Studio2